Marktrisico

3.8. MarktrisicoEDTF 2EDTF 3

Het marktrisico ontstaat doordat de Volksbank contracten afsluit en verplichtingen aangaat met klanten en professionele tegenpartijen. We gaan deze contracten en verplichtingen aan voor de dienstverlening aan klanten en het aantrekken van financiering, het uitzetten van gelden en overige transacties als onderdeel van balanssturing. Marktrisico treedt op in het bankboek en in de handelsportefeuille.

3.8.1 RisicoprofielEDTF 24

Het marktrisico in het bankboek bestaat voornamelijk uit marktrenterisico. Het aandelenrisico is zeer beperkt met een aandelenpositie van € 16 miljoen. Het vreemde-valutarisico is geminimaliseerd doordat dit risico op dagbasis wordt overgebracht van het bankboek naar de handelsportefeuille, waar dit risico ook op dagbasis wordt beheerst. Verder bevat het bankboek geen posities in commodities. De geringe handelsportefeuille bevat rente-, credit spread- en vreemde-valutaposities.

Gedurende 2017 zijn de marktrentes licht gestegen ten opzichte van het niveau van 2016. Waar in 2016, door de rentedaling sprake was van veel rentemiddeling en vervroegde renteherzieningen in de hypotheek portefeuille, zien we de vervroegde aflossingen in 2017 toenemen, terwijl de vervroegde renteherzieningen en rentemiddeling weer afnemen.

3.8.2 Management en beheersingAuditedEDTF 7EDTF 25

Renterisico bankboek

Het doel van renterisicomanagement is het beschermen en optimaliseren van de economische waarde van de huidige en toekomstige rentekasstromen en het realiseren van een stabiel renteresultaat. We nemen een optimale rentepositie in. Hierbij houden we rekening met verwachte veranderingen in de portefeuille, economische omstandigheden en het risicoprofiel dat de bank nastreeft.

Bij de vaststelling en het beheer van het renterisico houden we onder andere rekening met:

  • verwacht vervroegde aflossingen op hypotheekleningen;

  • verwachte vervroegde herzieningen van de hypotheektarieven;

  • de gedragstypische aspecten van direct opvraagbaar spaargeld;

  • klantopties in de producten;

  • de actuele renteomgeving en de verwachte ontwikkeling daarvan.

De belangrijkste maatstaven waarop we de rentepositie en het renterisico van het bankboek sturen zijn Economic Value of Equity (EVE) en het renteresultaat. We meten de rentepositie op het totaal van rentedragende activa en passiva en sturen bij met voornamelijk rentederivaten. De maatstaven voor het renterisico rapporteren we maandelijks aan het Asset & Liability Comité (ALCO).

Als sturingsmaatstaven voor de EVE hanteren we ‘duration van het eigen vermogen’ en ‘key rate durations’.

De duration van het eigen vermogen is de belangrijkste maatstaf voor de gevoeligheid van de economische waarde. Deze meet de procentuele daling van de economische waarde van het eigen vermogen bij een parallelle rentestijging van 100 basispunten (1%).

De key rate durations geven de marktrentegevoeligheid per looptijd weer en maken de gevoeligheid voor niet-parallelle bewegingen van de marktrentecurve inzichtelijk.

Het ALCO stelt maandelijks de sturing van de duration vast binnen de limiet op basis van het beoogde risicoprofiel en marktverwachtingen. We gebruiken de key rate durations voor het bepalen van de looptijden waarin de rentegevoeligheid wordt bijgestuurd.

De Earnings-at-Risk (EaR) is de belangrijkste sturingsmaatstaf voor het meten van de gevoeligheid van het renteresultaat. De EaR meet het maximale verlies in het renteresultaat binnen een jaar bij bepaalde rentescenario’s (onder andere parallelle, niet-parallelle en omgekeerde rentebewegingen), rekening houdend met de verwachte balansontwikkeling in de komende twaalf maanden. In de EaR-meting houden we rekening met de mate waarin klanttarieven van direct opvraagbaar spaargeld meebewegen met de marktrente en de daaruit resulterende margeontwikkeling. De mate van margeverkrapping of margeverbreding is afhankelijk van het rentescenario.

We hebben in 2017 een nieuw prepaymentmodel voor hypotheken in gebruik genomen. Met dit prepaymentmodel worden vervroegde aflossingen op hypotheekleningen ingeschat. Dit model houdt zowel rekening met de verwachtingen omtrent de huizenmarkt als de verwachte marktrente voor het voorspellen van toekomstige vervroegde aflossingen.

Marktrisico handelsportefeuilleEDTF 8

De handelsportefeuille kan exposures in renterisico, credit spreadrisico en valutarisico bevatten. Credit spreadrisico is alleen toegestaan door middel van handel in obligaties, de bank handelt niet in credit default swaps. Exposures in aandelen of in aandelenrisico-instrumenten vallen eveneens buiten ons beleid.

Het marktrisico in de handelsportefeuille wordt dagelijks gemeten met behulp van Value-at-Risk (VaR), Expected Shortfall (ES) en stresstesting. Deze worden gebruikt voor interne monitoring en limitering. Zowel voor de VaR, ES als de stresstest wordt één dag vooruit gekeken (1-daags horizon). Het gehanteerde betrouwbaarheidsinterval voor VaR is 99%, die voor ES 97,5%. Gedurende het gehele jaar is de totale VaR-limiet voor de handelsportefeuille gelijk gebleven op € 2 miljoen en weerspiegelt daarmee, qua omvang, het relatief lage risicoprofiel van deze activiteiten.

De VaR-methodologie is gebaseerd op Monte Carlo-simulaties, waarbij de onderliggende kansverdelingen zijn gebaseerd op historische data. De VaR-modellen houden rekening met rente, credit spreads en valutarisico in de Monte Carlo-simulaties. Voor de stresstesting wordt gebruikt gemaakt van vijftien stress-scenario’s.

3.8.3 Cijfers, ratio's en trendsEDTF 22EDTF 23EDTF 24

Marktrisicoprofiel bankboek

Renterisico

Specificatie renterisico

31-12-2017

31-12-2016

Duration eigen vermogen

1,6

1,6

Earnings at Risk (in miljoenen euro's)

€ 75

€ 661

Credit spread risico liquiditeitsportefeuille (in miljoenen euro's)

€ 413

€ 439

  1. In 2017 wordt EaR gepresenteerd op basis van resultaat voor belasting. De vergelijkende cijfers 2016 zijn dienovereenkomstig aangepast.

In de beheersing van het marktrenterisico wordt rekening gehouden met de huidige marktrente die op historisch laag niveau ligt. De voornaamste metrics voor het renterisico zijn ‘duration van het eigen vermogen’, ‘key rate durations’, 'Credit spread risico' en de ‘earnings-at-risk’. Voor deze metrics zijn limieten bepaald met als doel de bank te beschermen tegen marktrentebewegingen, dit draagt tevens bij aan het beheersen van het risico van een langdurige druk op rentemarges.

Vanwege de historisch lage marktrente en de verwachting dat deze langzaam zal stijgen is de duration van het eigen vermogen ultimo 2017 op 1,6 gehouden (2016: 1,6). Deze relatief lage duration van het eigen vermogen beperkt de gevoeligheid voor een marktrentestijging.

ontwikkelingen Earnings at risk

Ultimo 2017 bedroeg de EaR € 75 miljoen voor belasting (2016: € 66 miljoen). De EaR geeft de maximale impact op het renteresultaat weer van verschillende scenario’s over een horizon van 1 jaar. Het renteresultaat is het meest gevoelig voor het ‘butterfly down’ scenario. Hierbij blijft de 12-maands rente op het huidige niveau liggen, en dalen de marktrentes korter en langer dan twaalf maanden geleidelijk met maximaal 200 basispunten aan het einde van de curve. De gehanteerde vloer voor negatieve marktrentes is -0,75%, waardoor in een scenario de kortetermijnrente tot -0,75% kan dalen. In deze scenario’s is verder sprake van marge verkrapping op direct opvraagbare creditgelden.

In de figuur hiernaast staat een grafische weergave van de ontwikkeling van de EaR gedurende 2017.

Marktrisico exposure handels- en niet-handelsrisico

Onderstaand overzicht toont de balans gesplitst naar de risico’s die betrekking hebben op het bankboek en de handelsportefeuille.

Marktrisico blootstelling verhandelde en niet-verhandelde risico's

Boekwaarde

Marktrisico-maatstaven

Boekwaarde

Marktrisico-maatstaven

Primaire risico-gevoeligheid

in miljoenen euro's

Niet-verhandeld

Verhandeld

Niet-verhandeld

Verhandeld

31-12-2017

31-12-2017

31-12-2017

31-12-2016

31-12-2016

31-12-2016

Activa onderhevig aan marktrisico

Beleggingen: handelsdoeleinden

162

-

162

831

-

831

rente, wisselkoers, credit spread

Beleggingen: voor verkoop beschikbaar

4.932

4.932

-

5.139

5.139

-

rente, credit spread

Derivaten

1.075

812

263

1.533

1.310

223

rente, wisselkoers, credit spread

Vorderingen op klanten

49.322

49.322

-

48.620

48.620

-

rente

Vorderingen op banken

2.643

2.643

-

2.918

2.918

-

rente

Kas en kasequivalenten

2.180

2.180

-

1.911

1.911

-

rente

Overig

578

578

-

636

636

-

Totale activa

60.892

60.467

425

61.588

60.534

1.054

Passiva onderhevig aan marktrisico

Achtergestelde schulden

498

498

-

501

501

-

rente

Schuldbewijzen

4.900

4.900

-

5.696

5.696

-

rente, wisselkoers

Derivaten

1.252

973

279

1.861

1.673

188

rente, wisselkoers, credit spread

Spaargelden

36.575

36.575

-

36.593

36.593

-

rente

Overige schulden aan klanten

10.280

10.280

-

10.835

10.835

-

rente

Schulden aan banken

2.681

2.681

-

1.446

1.446

-

rente

Overig

4.706

4.706

-

4.656

4.656

-

Totale passiva

60.892

60.613

279

61.588

61.400

188

Het overzicht toont aan dat de Volksbank gezien haar activiteiten vooral gevoelig is voor het marktrenterisico van het bankboek.

Gevoeligheidsanalyses illustreren het marktrenterisico van de bankactiviteiten. In de tabel hieronder wordt het effect gemeten van een directe parallelle verschuiving van de marktrentecurve met +100 of -100 basispunten op de marktwaarde van het eigen vermogen, het renteresultaat en het IFRS eigen vermogen. Alle uitkomsten zijn voor belasting.

Gevoeligheid renteAudited

31-12-2017

31-12-2016

in miljoenen euro's

Rente + 1%

Rente - 1%

Rente + 1%

Rente - 1%

Marktwaarde eigen vermogen1

265

424

232

209

Renteresultaat2

49

-57

213

-453

Reële waarde optie4

-3

8

3

2

Totaal resultaat

46

-49

24

-43

IFRS eigen vermogen5

-98

100

-119

107

  1. De marktwaarde eigen vermogen geeft de waardeverandering van alle activa en passiva in het bankboek inclusief embedded opties voor de plafondrente en de rentedemper weer bij een marktrenteschok van 1%.
  2. Renteresultaat is de gevoeligheid van het renteresultaat voor rentebewegingen weergegeven voor de eerste twaalf maanden.
  3. In 2017 wordt het renteresultaat gepresenteerd op basis van resultaat voor belasting. De vergelijkende cijfers 2016 zijn dienovereenkomstig aangepast.
  4. Reële waarde optie toont de gevoeligheid van de hypotheekportefeuille die op marktwaarde wordt verantwoord en de bijbehorende rentederivaten.
  5. IFRS eigen vermogen toont de gevoeligheid voor een parallelle rentestijging of rentedaling met 100 basispunten vanuit de beleggingsportefeuille ‘Beschikbaar voor verkoop’ en de derivaten onder cashflow hedging. De reële waardeverandering van deze beide posten wordt direct zichtbaar in het eigen vermogen.

Marktwaarde eigen vermogen

Bij een parallelle rentestijging ontstaat een positief effect van € 265 miljoen op de marktwaarde van het eigen vermogen. De activa bestaan voornamelijk uit hypotheken, waarvan de rentegevoeligheid in hoge mate is afgedekt door middel van derivaten, voornamelijk in de vorm van payer swaps. Daardoor is bij een marktrentestijging de waardedaling van de activa inclusief de bijbehorende derivaten minder groot dan de waardedaling van de passiva. Ten opzichte van 2016 is de impact van een marktrentestijging op de marktwaarde van het eigen vermogen groter. Dit komt doordat in het nieuwe prepaymentmodel additionele marktrentegevoeligheid is geïmplementeerd.

De marktwaarde van het eigen vermogen is gevoelig voor een rentedaling. Het scenario van een rentedaling heeft echter een positief effect van € 424 miljoen op de marktwaarde van het eigen vermogen. Dit wordt verklaard doordat bij de berekening van de impact van de rentedaling is verondersteld dat swaprentes niet verder kunnen dalen dan -0,75%. En verder is verondersteld dat klantrentes op direct opvraagbaar spaargeld niet negatief worden. Hierdoor stijgt de reële waarde van het direct opvraagbaar spaargeld in veel mindere mate dan de activa met als gevolg een positieve impact op de marktwaarde van het eigen vermogen. Ten opzichte van 2016 is de impact van een rentedaling op de marktwaarde van het eigen vermogen groter. Dit komt doordat de tarieven van het direct opvraagbaar spaargeld in 2017 dichter bij de 0%-grens liggen.

Renteresultaat

Bij een parallelle rentestijging van 100 basispunten ontstaat er ultimo 2017 een positief effect op het renteresultaat van € 49 miljoen (2016: € 21 miljoen). Dit komt voornamelijk doordat de rentestijging zorgt voor hogere inkomsten uit hedge-instrumenten. Daarnaast heeft het doorprijzen van de marktrentestijging een positief effect op de inkomsten vanuit variabele hypotheken en de liquiditeitspositie. Een parallelle marktrentedaling van 100 basispunten heeft een negatief effect van € 57 miljoen (2016: € 34 miljoen). Dit is voornamelijk het resultaat van de veronderstelling dat de bovenstaande daling in mindere mate zal worden doorgeprijsd naar de spaartarieven dan naar de variabele hypotheken en de liquiditeitspositie.

Reële waarde hypotheken gewaardeerd op marktwaarde

Vanaf de datum van invoering van IFRS 9 op 1 januari 2018 worden hypotheken niet meer op reële waarde maar op geamortiseerde kostprijs gerapporteerd. De analyse hieronder geeft derhalve de gevoeligheid weer van de hypotheken op reële waarde zoals deze bij benadering gedurende 2017 was. Op balansdatum is deze gevoeligheid niet langer aanwezig.

Een parallelle marktrentestijging van 100 basispunten had een negatief effect op de hypotheken op marktwaarde en een positief effect op de bijbehorende derivaten. Bij een parallelle marktrentedaling van 100 basispunten waren deze effecten omgekeerd. Het negatieve effect van bovengenoemde rentestijging op de hypotheken op marktwaarde was groter dan de positieve invloed van de derivaten, wat resulteerde in een negatief totaal effect van € 3 miljoen. Bij bovengenoemde rentedaling worden de swaprentes voor de waardering van de derivaten afgekapt op -0,75%, wat het negatieve effect beperkt. Deze afkap is niet van toepassing voor de hypotheekportefeuille, omdat de klanttarieven positief blijven bij een rentedaling van 1%. Als gevolg hiervan wordt bij een rentedaling de negatieve invloed op de derivaten meer dan gecompenseerd door de positieve invloed vanuit de hypotheekportefeuille. Dit resulteert in het totaaleffect van € 8 miljoen1.

Impact AFS portefeuille op IFRS eigen vermogen

Voor de AFS portefeuille (Available For Sale portefeuille) heeft een parallelle marktrentestijging van 100 basispunten een negatief effect op de marktwaarde van de obligaties in de AFS portefeuille en daarmee op het IFRS eigen vermogen. Een parallelle marktrentedaling van 100 basispunten heeft daarentegen een positief effect. De portefeuille is deels gehedged, waardoor de rentederivaten de waardemutaties van de obligaties deels compenseren. Vanwege de gedeeltelijke hedge blijft de invloed op de AFS portefeuille bij bovenstaande stijging per saldo wel negatief (€ 98 miljoen) en positief (€ 100 miljoen) bij een rentedaling. Als gevolg van het vanaf 1 januari 2018 deels rapporteren van deze portefeuille als Hold to Collect zal het effect van deze parallelle marktrentestijging per die datum aanzienlijk lager zijn.

Marktrisicoprofiel handelsportefeuille

De Volksbank heeft een beperkte handelsportefeuille. Het marktrisico wordt op dagelijkse basis beheerd met portefeuillelimieten op een 1-daagse VaR met een betrouwbaarheid van 99%, alsmede met portefeuillelimieten op een vaste set van stress-scenario's. Gedurende het gehele jaar is de totale VaR-limiet voor de handelsportefeuille gelijk gebleven op € 2 miljoen. Die limiet weerspiegelt daarmee, qua omvang, het relatief lage risicoprofiel van deze activiteiten.

Ontwikkeling Earnings at Risk

(in € miljoenen)

Stel uw jaarverslag zelf samen